Ja maar, ja maar, je moet, je moet!

Omdenken volgens Berthold Gunster:
“Ja-maar (het is niet wat het zou móeten zijn en dat is een probleem) naar ja-en (het is, wat het is).”

Ik zou daar nog aan willen toevoegen dat mensen die vaak zinnen beginnen met “ja maar” ja maar2niet luisteren naar wat de ander zegt. Waarschijnlijk zijn ze ook al bezig geweest hun bezwaren te formuleren tijdens de inbreng van de ander en zijn ze niet erg bereid een echt gesprek te voeren. “Ja maar” komt vaak vergezeld van “je moet”. Ik noem het de twee grootste dooddoeners in gesprekken. Elke vorm van wederkerigheid wordt geblokkeerd door deze twee uitingen. Het zegt vooral iets over de gebruikers ervan, namelijk dat zij verwachtingen hebben en deze vooral bevestigd willen krijgen.

Verwachtingen zijn rare dingen, ze kunnen gesprekken volledig laten escaleren en gesprekspartners gaan vaak met een onvoldaan gevoel uit elkaar. Verwachtingen ontstaan vanuit eerder opgedane ervaringen, maar ook vanuit normen en waarden die mensen van kleins af aan mee krijgen en worden als feiten gebracht (“Dit is hoe het hoort”)

Binnen welke relatie dan ook is “hoe het hoort” een proces waarbij alle betrokkenen hun eigen visie, normen en waarden, verwachtingen en overtuigingen uitspreken en hopelijk gezamenlijk een nieuwe vorm vinden. Hiervoor is de bereidheid nodig om de verbinding aan te gaan met anderen.

Ik ben er van overtuigd dat veel ruzies en conflicten in de basis een machtsstrijd zijn, waarbij verwachtingen een grote rol spelen. Met name in machtsverhoudingen, die in de kern al niet gelijkwaardig zijn, is het vooral degene met het overwicht degene die door zijn opstelling het verschil kan maken in of mensen zich gehoord, gezien en erkend voelen om wie zij zijn.

VOORBEELD:
Een leidinggevende die vanuit hoge verwachtingen eisen stelt en de inbreng van medewerkers eigenlijk maar lastig vindt, krijgt werknemers die in zichzelf keren en zich “niet meer laten kennen”. Naar de baas toe zeggen ze “ja en amen” maar op de werkvloer ontstaat een sfeer van onveiligheid waarbij mensen alleen nog voor hun eigen hachje gaan. Mensen hebben geen plezier, gaan met tegenzin naar hun werk en uiteindelijk bereikt de baas het tegenovergestelde van wat hij wil: meer productiviteit en gemotiveerde werknemers.

Goede leidinggevenden streven gelijkwaardigheid na.
Ruimte: er is tijd en aandacht voor inbreng en ideeën van alle teamleden, voor emoties en ervaringen en mildheid voor elkaars “eigenaardigheden”.

Openheid: alles mag gezegd worden, er is bereidheid om te luisteren en om te delen zonder dat er meteen afgekapt wordt. Er is een bereidheid om verbinding aan te gaan, om feedback te geven én te ontvangen met respect voor de ander.

Nieuwsgierigheid: anderen laten uitpraten en benieuwd zijn naar de motivatie en beleving van anderen, kennis delen en processen laten ontstaan. Het onderzoeken en benoemen van verschillen zonder direct te oordelen, aannames te doen of invulling te geven.

Duidelijkheid: is misschien wel het belangrijkste aspect; een goede leidinggevende stelt duidelijke kaders, geeft zo goed mogelijk inhoud aan professionele competenties, ziet individuele kwaliteiten en benoemt deze, behandelt iedereen gelijk en communiceert op een manier die voor zo min mogelijk interpretatie vatbaar is.

Aansluiten Bij Communicatie traint en begeleidt teams en leidinggevenden in zorg, hulpverlening en onderwijs die zich willen bekwamen in een RONDe kijk op het werk. De voordelen, de nadelen en de meerwaarde van ROND communiceren komen uitgebreid aan bod in een traject op maat.


Klik op de afbeelding voor meer informatie en voor wie meer wil weten, stuur een mail naar: karen@aansluitenbijcommunicatie.nl

Advertenties
Geplaatst in Aansluiten Bij Communicatie, professionele communicatievaardigheden | Tags: , | Een reactie plaatsen

Oogkleppen op en lijstjes afvinken of…………………….

touwtjes

Of ondersteunen zodat mensen die hulp vragen ZELF verder kunnen?

Het is tijd voor een cultuuromslag!

Na het volgen van de training “Huiselijk Geweld en Kindermishandeling in kwetsbare relaties” , ben ik er weer meer van overtuigd geraakt dat problemen altijd een systeemprobleem zijn. Wat getolereerd wordt en in welke context is bepalender voor de ernst van een probleem dan het gedrag dat iemand vertoont.

Wat doet de huidige hulpverlening?
Vaak is het zo dat iemand een probleem ervaart en dat daar een oplossing voor moet komen. De hulpverlening is vooral daar mee bezig. De cliënt wordt aangepast zodat hij weer mee kan. Tenminste dat wordt heel stevig gehoopt en de interventies worden gemeten zodat blijkt dat behandelingen succesvol zijn geweest. De behandelmethodiek staat centraal en niet de cliënt.
Dat het systeem aan het vastlopen is, lezen we dagelijks in de krant. Het aantal “verwarde” personen neemt toe, pesten op scholen, op de werkvloer, in verzorgingshuizen is nog altijd niet onder controle, wachtlijsten in de JeugdGGZ zijn eindeloos en ondertussen moeten al die mensen door met leven.

Hoe dan verder?
Voor mij was dat de reden om samen met twee medeprofessionals  een Zorg Ondernemend Netwerk op te richten:

Zorg-Ondernemend-Netwerk-logo

ZON onderzoekt samen met hulpvragers wat binnen hun mogelijkheden en die van hun omgeving oplossingen zijn die de kwaliteit van hun leven vergroten.
ZON biedt een unieke mix van expertises, vanuit een gezamenlijk gedeelde visie.
ZON staat naast de hulpvrager en zijn omgeving en gelijkwaardig communiceren is de basis.
ZON staat voor verbinding, creatief denken en samen met hulpvragers te onderzoeken wat zij nodig hebben om verder te kunnen vanuit een ondersteunende, procesgerichte houding.
ZON biedt “gewoon waar het kan en bijzonder waar het nodig is.”

ZON werkt met de methode ROND en streeft naar gelijkwaardigheid in communicatie. Door te kijken naar gedrag, gevoelens en gedachten bij zowel cliënten als hun omgeving, ontstaat er inzicht in de mogelijkheden om nader tot elkaar te komen. Van simpele oplossingen als meer inzicht in elkaars beleving tot het aanpassen van de manier van communiceren, elke uitkomst is mogelijk als dat voor cliënten en hun omgeving ontspanning, rust en plezier oplevert. Wij gaan er van uit dat mensen die prettig in  het leven staan nieuwsgieriger zijn en meer openstaan voor nieuwe dingen.

denkertje9

Het uitgangspunt van hulpverlening is volgens ZON dan ook niet de diagnose, maar de manier waarop cliënt en omgeving zich tot elkaar verhouden. 

Aansluiten Bij Communicatie doet binnen ZON waar zij goed in is; het in kaart brengen van misverstanden in onderlinge communicatie. Vaak de basis van problemen.
zelf doenIn alle relaties is communicatie tweerichtingsverkeer en zijn er dus twee of meer partijen die invloed uitoefenen op elkaar. Factoren die communicatie bemoeilijken kunnen onder meer Niet Aangeboren Hersenletsel, ontwikkelingsproblemen of een verstandelijke beperking zijn, maar ook stress, ingrijpende levensgebeurtenissen of eerdere ervaringen hebben hun impact op de manier waarop mensen communiceren.

Voor meer informatie: karen@aansluitenbijcommunicatie.nl of karen@zorgondernemendnetwerk.nl 

 

 

Geplaatst in Aansluiten Bij Communicatie, Communicatie, Relaties, ROND | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Probleemgedrag? Lekker makkelijk oordelen of toch niet….

Oordelen over andermans gedrag; wie doet dat niet? Het heeft een functie en  het gaat heel vaak probleemloos goed. Toch voel ik de behoefte om dieper in te gaan op de term “probleemgedrag” omdat er een wereld te winnen is, wanneer je eens verder kijkt dan je neus lang is. Zeker in moeilijke situaties kan een stapje achteruit de oplossing dichterbij brengen. De focus op “probleemgedrag” lokt een neiging tot beheersen en controle terugkrijgen uit. Anders kijken levert vaak verrassende inzichten en daar wil ik het over hebben.

Waarom doen mensen wat zij doen?
In zijn algemeenheid is gedrag bedoeld om onprettige sensaties voor jezelf op te heffen of om greep te krijgen op een gevoel van onveiligheid.

In situaties waarin je je niet fijn voelt, ga je gedrag vertonen om uit de situatie te komen en als dat niet kan pas je je aan. De meeste reacties zijn terug te voeren naar een oeroud instinctief mechanisme van vechten, vluchten of bevriezen. Dat mechanisme geldt voor iedereen; ongeacht intelligentie, persoonlijkheid en karakter. Wat je er van terug ziet is wel van persoon tot persoon verschillend.

In stressvolle situaties is gedrag een manier om evenwicht te herstellen. Iemand die onveiligheid ervaart kan obsessief gaan ordenen door steeds opnieuw het huis schoon te maken of alles in huis te verplaatsen. Dat LIJKT “probleemgedrag”, maar is feitelijk een signaal dat iemand niet meer zelf zijn gedrag kan reguleren.

Dit wetende kun je dus al niet meer zo makkelijk stellen dat er sprake is van “probleemgedrag”.

Wat is gedrag nou eigenlijk?
Gedrag is heel simpel gezegd een reactie op een prikkel: actie = reactie. Die reactie komt tot stand door gevoel en gedachten.

De simpelste actie-reactie is de reflex. Zonder tussenkomst van het denken, reageer je. Stel je wilt een pan pakken, nog voordat jij bedacht hebt dat die heet is, heb je je hand al teruggetrokken.

Daarnaast is gedrag grotendeels gebaseerd op patronen en automatismen. Het zou ondoenlijk zijn om over iedere actie uitgebreid na te denken en te bepalen welke reactie je gaat geven, daarom gaat een groot deel van reacties automatisch.
Ik heb ooit gehoord dat 95% van wat mensen doen, automatisch gaat.

De patronen ontstaan door ervaringen die je opdoet, door reacties die je krijgt op jouw gedrag en door aandacht voor bepaalde aspecten van gedrag.

Als je dit weet over gedrag, dan is het toch gek, vind ik, dat er vooral gekeken wordt naar dat wat je ziet en hoort bij iemand.  Veel interessanter is het dus om bewust te gaan kijken naar wat er ACHTER gedrag zit. Enerzijds naar de motieven en beleving van de ander om bepaald gedrag te laten zien en anderzijds naar jouw eigen reactie op dat gedrag.

Het is dus niet zo simpel!
Mensen zitten niet op een eilandje en zijn de hele dag op allerlei manieren met elkaar in contact. Uitgaande van jou als persoon; heb jij je eigen beleving en ongeschreven regels, je eigen manier van doen, denken en voelen, je eigen referentiekader, persoonlijkheid en verwachtingen. Dat alles heeft invloed op hoe jij omgaat met prikkels. Daarnaast heb je te maken met anderen die ook weer hun eigen persoon meebrengen.

Bij elke persoon is het ook nog eens zo dat op enig moment prikkels van binnenuit al het andere kunnen overstemmen of dat prikkels van buitenaf ineens alle aandacht opeisen. Het gedrag dat in reactie op die prikkels ontstaat, wordt dan een probleem voor jezelf of voor anderen. Het is onverwacht, niet passend bij de situatie of zelfs extreem.

Ik heb een hekel aan het woord “probleemgedrag” omdat het voorbijgaat aan de context, de interactie en de interpretatie die erbij komt kijken. Er spelen zoveel dingen mee dat ik er voor pleit om eerst op zoek te gaan naar antwoorden op de volgende vragen:

  1. Van wie is het probleem nou eigenlijk?
Van degene die het gedrag vertoont of van een ander die het gedrag waarneemt en er last van heeft?

In de interpretatie van gedrag gaat nogal eens iets mis. Iedereen kent wel de opmerking “wat kijk je boos”, terwijl jij diep in gedachten bent. Of “zit nou eens stil” als jij nodig moet plassen en de vergadering niet onnodig wilt verstoren.

Objectief vaststellen welke acties en reacties er zijn (geweest) is de eerste stap om te komen tot een gelijkwaardige opstelling waarmee een oplossing gevonden kan worden.

2. Hoe acuut is het probleem?

Als er sprake is van direct gevaar is het natuurlijk lastig om uitgebreid te gaan denken en plannen. Dan moet er gewoon gehandeld worden.

In alle andere gevallen is het verstandig om even stil te staan en bewust samen te kijken naar alles wat meespeelt. Mijn ervaring is dat er bovenmatig veel aandacht is voor “agressiebeheersing en situatiehantering” wat er uiteindelijk toe leidt dat de opbouwende signalen niet opgemerkt worden of verkeerd worden geïnterpreteerd en dat mensen vastlopen in reageren als het uit de hand gelopen is.

Elke escalatie is een opbouw en dus is er in elke fase de mogelijkheid om anders te gaan handelen.

3. Wat doet een ieder in moeilijke situaties zelf al om te de-escaleren?

Iedereen, hoe verward of beperkt ook, doet zelf dingen om de controle terug te krijgen. Als daar aandacht voor is, kun je samen gaan werken. Waarbij een ieder doet waar hij goed in is en waarbij iedereen elkaar in de gaten houdt om te zien hoe ze er in staan.

Zelf laten doen waar dat kan, samen doen waar het mogelijk is en pas overnemen als het niet meer lukt.

4. Wie zijn er bij betrokken en hoe staan zij er in?

Hoe zijn de gezagsverhoudingen en is het mogelijk om elkaar eerst als mens te ontmoeten?

Is er bereidheid om naar elkaar te luisteren en op gelijkwaardige manier met elkaar om te gaan?

5. Welke omstandigheden spelen mee?

“Probleemgedrag” is vaak ook een optelsom van niet passende omstandigheden. Systemen die geen rekening houden met persoonlijke variatie, langdurig niet begrijpen van de signalen of chaos die voortkomt uit handelingsverlegenheid of omgekeerd.

Ook fysieke omstandigheden spelen mee; de ruimte is niet geschikt, het programma is niet geschikt, er is te weinig persoonlijke aandacht mogelijk of bedenk zelf maar meer vanuit je eigen ervaringen. Gooi voor even conventies overboord en ga doen wat NODIG is.

Hopelijk heb ik met dit blog een opening gegeven voor anders kijken naar “probleemgedrag”.  Kort-door-de-bocht en het minst effectief is het om aannames te doen, invulling te geven en te oordelen. Het is respectvoller, effectiever en gelijkwaardiger stil te staan en bewust te onderzoeken wat er gebeurt; zowel bij jou als bij de ander(en). En daarover waar mogelijk in gesprek te gaan. Dit is niet de makkelijkste manier maar levert wel het meeste op op de lange termijn.

Voor meer informatie, mail me gerust: karen@aansluitenbijcommunicatie.nl

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Marktwerking, goed voor iedereen

Als je, zoals ik in de jaren negentig bent afgestudeerd als paramedicus, in mijn geval als logopedist, ben je opgeleid voor de zorg zoals ie toen was ingericht. Het grappige is dat mijn afstudeeropdracht ging over professionalisering in de logopedie en wij achteraf gezien, onze tijd ver vooruit waren. Natuurlijk is er niets gedaan met onze uitkomsten zoals wij ook niet hadden verwacht.

In de opleiding ging het vooral over de inhoud. Niet over ondernemerschap maar over stoornissen, behandelmethoden en eigen logopedische vaardigheden. Het was niet de bedoeling dat de logopedist al te “commercieel” was en ook toen al werd er laatdunkend gekeken naar collega’s die ondernemender waren. Het is een klein wereldje……………..

Ik heb geen idee hoe het nu gaat met die collega’s; of zij toegerust zijn om binnen de zogenaamde marktwerking het hoofd boven water te houden maar wat ik wel zie, is dat degenen die op het systeem vertrouwden nu doorkrijgen dat hun belang daarin  ondergeschikt is. Ik weet niet goed welke karaktereigenschappen er voor zorgen dat logopedisten zich vooral gestort hebben op het behalen van diploma’s en certificaten, op het meewerken aan allerlei ingewikkelde kwaliteitssystemen en op het zich schikken naar alle eisen van de “betalers”.

Mijn carrièrepad is anders gelopen. Toen ik afstudeerde was de arbeidsmarkt voor logopedisten slecht. Ik vond ook geen baan. Na een aantal omzwervingen ben ik gaan werken in een woning voor mensen met een verstandelijke of meervoudige beperking, waarna ik besloot ook de HBO-opleiding tot Sociaal Pedagogisch Hulpverlener te gaan doen en toen ik het niet meer verwachtte vond ik een baan bij een grote organisatie voor mensen met een verstandelijke beperking.

Het mooie is dat ik daar geleerd heb dat de behoeften van mensen, ongeacht hun mogelijkheden universeel zijn. Iedereen wil gehoord, gezien en erkend worden voor wie zij zijn. Mensen met een beperking kunnen zich vaak met moeite of helemaal niet talig uiten en geven informatie door middel van lichaamstaal en gedrag.

Inmiddels werk ik al weer vijf jaar als ZZP-er. Het is geen vetpot en een onzeker bestaan. Ondanks het feit dat er tekorten zijn in zorg- en hulpverlening blijven grote organisaties bepalen. Ze weten het nog niet maar er is behoefte aan mensen zoals ik; zonder oogkleppen op, schotten doorbrekend, bereid om elke dag te leren en zoekend naar verbindingen.

Ik zou mezelf een hybride hulpverlener willen noemen. Ik werk vanuit interactie en gelijkwaardigheid. Ik werk vanuit de visie dat stress in de weg staat van veiligheid, vertrouwen en ontspanning. Ik laat de ander in zijn waarde en sta naast hem of haar om te (leren) kijken naar mogelijkheden die er altijd zijn, hoe klein ook. Ik benader elke situatie met een RONDe blik en het mooie is dat daarmee elke situatie verbetert. Ongeacht de “doelgroep” en de complexiteit van problemen.

Als je wilt weten hoe dat werkt, stuur me dan een berichtje. Ik vertel er graag over en je zult zien wat het kan betekenen in jouw werk. karen@aansluitenbijcommunicatie.nl

Ik red me wel, ik laveer binnen het huidige stelsel en kies altijd de kant van mensen die hulp nodig hebben. En ook als het stelsel verandert, pas ik me daar weer aan aan. Zoals ik al eerder zei; de zorg- en hulpverlening heeft meer mensen zoals ik nodig. Dat komt de kwaliteit pas echt ten goede.

Ik kom graag gelijkgestemden tegen en daarom heb ik samen met een collega ZON (Zorg Ondernemend Netwerk) opgericht; een maatschap van bevlogen zorg- en hulpverleningsprofessionals waarin ruimte is voor kennisdelen, samenwerking, ruggensteun en het ontwikkelen van manieren om mensen die hulp nodig hebben efficiënter en met respect verder te helpen.

Marktwerking KAN goed zijn voor iedereen, maar dat vereist moed om een ander pad in te slaan, terugkeer van gelijkwaardigheid in het systeem en professionals die TROTS zijn op hun vak en niet langer genoegen nemen met “kruimels”. Gelukkig zie ik die beweging nu ontstaan!

#professionalsvoorgoedezorg

Geplaatst in Gehoord en gezien worden, gelijkwaardigheid, Kwaliteit, ROND | Tags: , | 1 reactie

De Meldcode: alles KAN mishandeling zijn en daarmee is NIETS mishandeling

De Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling KAN een prima instrument zijn in het signaleren en voorkomen van mishandeling. Ik heb behoefte om er over te schrijven omdat ik vind dat er een aantal haken en ogen aan zitten, waar de effectiviteit onder lijdt. De definities zijn te breed, er is geen eenduidigheid van melden en het vraagt een enorme zorgvuldigheid om complexe zaken tot een goed einde te brengen.

1) Te brede definitie:
Alles KAN mishandeling zijn en daarmee is NIETS mishandeling. Het draait om context, zorgvuldigheid en bereidheid van mensen (ouders maar ook hulpverleners) om ook hun eigen aandeel kritisch tegen het licht te houden. Kunnen wij met zijn allen de kinderen die werkelijk gevaar lopen beschermen met de Meldcode zoals hij er nu ligt? Ik ben bang van niet. Er zijn genoeg schrijnende voorbeelden van mishandeling die geen mishandeling blijken te zijn en omgekeerd, alhoewel dat minder op de voorgrond treedt omdat de kinderen voor de buitenwereld veilig lijken. Wij zijn het aan kinderen verplicht om te streven naar eenduidigheid in de definitie, zodat de Meldcode doet waarvoor hij bedoeld is.

2) Belang van kinderen ondergeschikt
De vraag “wel of niet melden” wordt te veel gekleurd door volwassenen. Volwassenen nemen het besluit om te melden of niet en dat doen zij vanuit hun eigen waarneming, referentiekader en emoties. Er zijn gevallen bekend dat er vanuit wraak gemeld wordt en er zijn gevallen waarin niet gemeld wordt uit angst voor de boosheid van de ander. Op dit moment is mijn ervaring dat emoties van volwassenen vaak de hoofdrol spelen en daarmee zijn kinderen niet geholpen.

3) Waarheidsvinding
Het blijkt een enorme opgave om objectief, zorgvuldig en feitelijk om te gaan met de Meldcode. Ik ken gevallen waarbij een zorgvuldig opgestelde melding van tafel wordt geveegd omdat de andere kant het verhaal in twijfel trekt. Ik ken gevallen waarin een emotionele melding zeer serieus genomen wordt, terwijl er feitelijk niet veel aan de hand is. Aangezien de consequenties van wel of niet melden zeer groot en ingrijpend kunnen zijn, begrijp ik niet goed waarom sommige hulpverleners elkaar liever bestrijden op betrekkingsniveau dan te kijken op inhoudsniveau wat er werkelijk speelt. Elk kind dat door niet melden onnodig langer in onveiligheid leeft is er één teveel. Elke ouder die door wel melden onterecht in de problemen komt, is er ook één te veel. Ik vind het onverteerbaar dat waarheidsvinding niet op nummer 1 staat in de Meldcode.

4) We kunnen het niet alleen
“It takes a village to raise a child” is een bekend Afrikaans spreekwoord en zo is het natuurlijk ook. Niemand leeft in een bubbel maar de huidige nadruk op eigen verantwoordelijkheid en “maakbaarheid” heeft gemaakt dat we misschien wel minder steun bij elkaar zoeken dan wenselijk is. Het heeft er helaas ook voor gezorgd dat oordelen veel makkelijker is geworden en dat de angst om als verliezer bestempeld te worden groot is. Dat leidt er soms toe dat ouders machteloos, wanhopig of oververmoeid zijn en het belang van de kinderen uit het oog verliezen of geen energie meer hebben om dát ook nog mee te wegen. Het is mijn stellige overtuiging dat niemand bewust kinderen op de wereld zet om ze lekker te mishandelen maar er kunnen omstandigheden en situaties ontstaan waarin de stress zo hoog oploopt dat het wel gebeurt. Dat is verschrikkelijk pijnlijk en verdrietig.
En als wij dan als volwassenen elkaar tegemoet durven treden vanuit Ruimte, Openheid, Nieuwsgierigheid en Duidelijkheid ontstaat er opnieuw veiligheid, ontspanning en rust waar kinderen wel bij varen.

Ik begon mijn verhaal met de Meldcode en de voordelen die zo’n instrument kan hebben. In de juiste handen en met het hart op de goede plaats helpt die code mensen verder. Niemand is vóór mishandeling en maar weinigen kiezen er bewust en vol plezier voor.

Ik pleit daarom voor gezond verstand in de hantering van de Meldcode en ik zie daar nog genoeg ruimte voor verbetering.

Karen@aansluitenbijcommunicatie.nl

Geplaatst in beschadigde volwassene, Communicatie, mildheid | Tags: , , | Een reactie plaatsen

3 tips voor zinnige en zuinige zorg

Werk aan de winkel voor de politiek zou ik zo zeggen! Niet DE zorg is duur maar het zorgstelsel. Het stelsel als zodanig kraakt in zijn voegen en alles wat er aan “veranderd” wordt, zorgt voor kostenstijging en kwaliteitsdaling. Daarom hier drie tips voor zinnige en zuinige zorg van een zorgprofessional:

 

  1. Hap-snap werkt verspilling in de hand.
    Miljarden gaan er in om: DE zorg. Maar waar hebben we het dan over? Ziekenhuiszorg? Jeugdzorg? Thuiszorg? Ouderenzorg? Verpleeghuiszorg? Eerstelijnszorg? Tweedelijnszorg? Cure of care? Ambulant of intern? Hulpmiddelen? Revalidatie? Ik geloof dat ik nog wel even door kan gaan…………………..
    Door al deze begrippen op één hoop te gooien en alleen maar te brullen dat het te duur is, los je niets op. Dit systeem werkt in de hand dat de schreeuwers de aandacht (en het geld) krijgen en de patiënt niet de zorg die hij nodig heeft. Toevallig hebben we nu een hele actieve minister die overal miljoenen weet te vinden voor innovatieve projecten; het jammere is alleen dat daar het overstijgende geheel niet goedkoper van wordt.
    Het systeem zoals het nu is, is georganiseerd rondom professionals. Het aanbod regeert nog steeds. Er is nauwelijks samenwerking en als zorgvrager heb je geen idee meer waar je de hulp krijgt die je nodig hebt.
    Ik pleit voor een overstijgende, heldere visie, gebaseerd op gezond verstand en wetenschappelijke inzichten.
  2. Marktwerking leidt tot het recht van de sterkste, niet de beste.
    a) Om nog enigszins een fatsoenlijk inkomen te verwerven, wordt er van alles bedacht om maar de noodzaak aan te tonen van behandeling en begeleiding. Eén voorbeeld daarvan is het veelvuldig diagnosticeren van ADHD (“In Nederland is het aantal kinderen dat Ritalin gebruikt tussen 2004 en 2014 verviervoudigd. Het zou gaan om ongeveer 135.000 kinderen in 2014. De Gezondheidsraad stelde vast dat het aantal diagnoses is toegenomen en noemde de stijging van het Ritalin-gebruik zorgwekkend.”), een andere de allernieuwste hype “leefstijlgeneeskunde”, waarbij straks iedereen ziek is tot het tegendeel bewezen is.
    b) Elke week lees ik wel in de krant dat “handige jongens” er vandoor zijn met grote sommen gemeenschapsgeld omdat zij een “concept in de markt” weten te zetten dat vooral hun belang dient. Degenen die hieronder lijden zijn de zorgvragers en dat is voor mij al een reden om marktwerking in de zorg te vervangen door een eerlijk systeem waarbij een ieder de hulp krijgt die hij/zij nodig heeft.
    c) In het gevecht om bestaansrecht is DE zorg een marketingmachine geworden die met glimmende folders hengelt naar de gunsten van de zorgvragers. Het is een populariteitswedstrijd geworden, waarbij degenen met de grootste budgetten en afdelingen het vaakst gezien worden. Het resultaat is lange wachtlijsten, onnodige ingrepen en niet passende zorg maar wel immer stijgende kosten.
  3. Boter bij de vis voor de “handen aan het bed”.
    Er gaan miljoenen, misschien zelfs wel miljarden naar taskforces, werkgroepen, projecten om de kwaliteit van zorg te verbeteren. Helaas zitten daar maar al te vaak mensen in die nog nooit op de werkvloer hebben gestaan. Ze oordelen, geven invulling doen aannames en komen daarmee met oplossingen die alleen maar meer verwarring zaaien en leiden tot meer protocollen, regels en andere vormen van schijnzekerheid. Het ergste is dat een jaar of wat later negen van de tien keer blijkt dat er niets veranderd is en dat daar dan weer een denktank op gezet wordt.
    Erken dat zorg- en hulpverleningsprofessionals goed opgeleide, gekwalificeerde mensen zijn die vanuit intrinsieke motivatie streven naar het doen van het goede. Stop het misbruik maken van die mensen. Neem hen serieus en begin bij een fatsoenlijke vergoeding voor hun inspanningen. Gooi hen niet dood met lijstjes, keurmerken en een eisenpakket van “heb ik jou daar” om hen vervolgens bij Gods gratie een fooi toe te kennen. Zij zijn niet de veroorzakers van de altijd uitdijende kosten, net zoals patiënten dat ook niet zijn. Het wordt tijd dat de politiek de hand in eigen boezem steekt en gaat werken aan een samenhangende, heldere visie op GEZONDE gezondheidszorg, zoals ik in punt 1 al betoogde.Ik wil afsluiten met een oproep aan minister Hugo de Jonge, staatssecretaris Bruins en staatssecretaris Blokhuis:De zorg is ziek en pleisters plakken helpt niet meer. Het geld is er, dat is gebleken; nu de keuzes nog! 

    karen@aansluitenbijcommunicatie.nl

 

Geplaatst in Financiering, Fraude, Goede zorg | Tags: , , | Een reactie plaatsen

“Als je er geen last van hebt, hoef je er niet in te investeren.”

Voor mij vat de zin samen waar het in zorg- en hulpverlening maar ook in onderwijs om gaat. Zolang degene die bepaalt, geen last heeft van de ander hoeft hij er geen aandacht aan te besteden; niet te investeren, niet te luisteren naar het verhaal en geen veranderingen aan te brengen. In het artikel dat ik vanochtend in Trouw las, werd het voor mij weer even duidelijk samengevat. (lees hier het artikel).

“Last hebben van” is zeer subjectief en heeft voor mij onder andere te maken met een verschil in gezagsverhouding. Het gaat namelijk om wiens beleving het meest dominant is en wie bepaalt hoe de gang van zaken is. Dit zie je terug in 1-op-1 relaties, binnen groepen en binnen de samenleving als geheel. Met als voorbeelden ouders en hun kinderen, scholen en hun leerlingen of de overheid en haar burgers. Als je gaat rondkijken in je omgeving kun je er talloze voorbeelden aan toevoegen.

Dus als jij als kind last hebt van je ruziënde ouders, is de kans vrij groot dat je te horen krijgt dat je je er buiten moet houden.
Dus als jij in een kliniek bent opgenomen, heb je je maar te schikken.
Dus als een docent slecht lesgeeft en leerlingen geven aan daar last van te hebben, is het negen van de tien keer zo dat de school vierkant achter de docent gaat staan.
Dus wanneer de overheid de zorg gaat hervormen en de gevolgen ervan wegwuift, staan grote groepen mensen machteloos.

Wegkijken, afwimpelen en afschuiven omdat “jij er toevallig geen last van hebt” leiden er toe dat mensen zich niet serieus genomen voelen en stress ervaren. De onuitgesproken boodschap is dat de klager er eigenlijk niet toe doet en als iets funest is voor het zelfvertrouwen van mensen dan is dat het wel.

Ik denk dat de verharding in de samenleving (groten)deels te wijten is aan dit principe. Te veel mensen ervaren dagelijks dat zij machteloos staan, dat onrecht niet wordt rechtgezet en dat hun belangen moeten wijken voor die van anderen.

Denkertje5

Er is een onbalans wanneer mensen op basis van hun positie RUIMTE claimen. Dat houdt automatisch in dat je anderen ruimte ontzegt. Iemand de mond snoeren, iemand met oneigenlijke argumenten wegzetten als zeikerd, populist of gewoon dom, iemand niet of onvolledig informeren; het zijn allemaal manieren om de ruimte van een ander in te perken.
Onevenwichtigheid ontstaat ook wanneer er niet meer geluisterd wordt, wanneer mensen zichzelf als norm nemen en de ander langs die lat leggen. Een gebrek aan OPENHEID maakt dat (voor)oordelen, interpretaties en invullingen verheven worden tot waarheid.
Open staan voor anderen betekent ook dat je NIEUWSGIERIG bent naar wie de ander is, wat de ander beweegt en wat je kunt leren van de ander. Het evenwicht verschuift en de gelijkwaardigheid verdwijnt als mensen van uit een gezagsverhouding de beleving en motivatie van anderen niet (meer) zien en situaties vooral willen beheersen. Praten over gemiddelden, normen en over groepen (“ja maar, er gaat ook heel veel wel goed”).
DUIDELIJKHEID betekent afstemmen, rekenschap geven, informatie geven die de ander inzicht geeft in waarom iets wel of niet haalbaar is en afstand nemen van situaties om objectiever te kunnen kijken. Mensen vinden het vaak moeilijk om te horen dat iemand ergens last van heeft, omdat ze al snel denken dat het met hen persoonlijk te maken heeft. Dat leidt vaak tot onduidelijkheid, ruis, misverstanden en conflicten tot aan agressie aan toe zelfs.

Kortom: het is wel degelijk zinvol om te investeren in mensen, OOK als jij er zelf geen last van hebt. Bewust omgaan met Ruimte, Openheid, Nieuwsgierigheid en Duidelijkheid in relaties en communicatie voorkomt gedoe dat ontstaat wanneer mensen zich niet meer gehoord, gezien en erkend voelen om wie zij zijn.

Nieuwsgierig naar wat ROND voor jouw leven en werk kan betekenen? Mail karen@aansluitenbijcommunicatie.nl en ontdek de mogelijkheden.

Zorg Ondernemend Netwerk staat voor gelijkwaardige communicatie in zorg-, hulpverlening en samenleving.

Geplaatst in Communicatie, diversiteit, gelijkwaardigheid, stress | Tags: , | Een reactie plaatsen